Kruimelpad

Besluit

Besluit over grens nieuwe en bestaande eenheden en installaties

03-12-2018

In Verordening (EU) 2016/631 tot vaststelling van een netcode betreffende eisen voor de aansluiting van elektriciteitsproducenten op het net (hierna: RfG Verordening) worden eisen gesteld aan elektriciteitsproductie-eenheden die worden aangesloten op het elektriciteitsnetwerk. Hieronder vallen zowel nieuwe als bestaande productie-installaties, zoals deze zijn gedefinieerd in die verordening.

De RfG Verordening bepaalt in artikel 4, tweede lid, dat een lidstaat erin kan voorzien dat de regulerende instantie in gespecificeerde omstandigheden kan bepalen of de elektriciteitsproductie-eenheid als een bestaande productie-eenheid dan wel als nieuwe productie-eenheid moet worden beschouwd. Een vergelijkbare bepaling is opgenomen in artikel 4, tweede lid, van Verordening (EU) 2016/1388 tot vaststelling van een netcode voor aansluiting van verbruikers (hierna: DCC Verordening). Hier gaat het om het maken van onderscheid tussen bestaande en nieuwe transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, de transmissiegekoppelde distributie-installaties, distributiesystemen of de verbruikseenheden.

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft vanuit de markt concrete signalen ontvangen dat er onduidelijkheden zijn over de eisen  die van toepassing zijn op nieuwe productie-eenheden en installaties. Partijen (zowel aangeslotenen als fabrikanten) die in de bedoelde periode bijvoorbeeld willen investeren in nieuwe elektriciteitsproductie-eenheden, zien deze onzekerheid over de inhoud van de van toepassing zijnde regelgeving als een risico en stellen hun investeringen uit tot na (in dit voorbeeld) het moment van van toepassing worden van de RfG Verordening, te weten 27 april 2019. Het gaat daarbij met name om productie-eenheden die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen. De onzekerheid leidt tot een vertraging van de ingebruikname van die productie-eenheden en installaties.

Daarom heeft de ACM besloten dat de termijn, zoals genoemd in artikel 4, tweede lid, onderdeel b, van de RfG Verordening en de DCC Verordening wordt verlengd tot drie jaar na publicatie van de desbetreffende verordeningen.

Dat wil zeggen dat:

Eenheden als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de RfG Verordening, waarvoor een koopovereenkomst is afgesloten op een datum gelegen tussen twee jaar na inwerkingtreding
(17 mei 2018) en drie jaar na publicatie (27 april 2019) eveneens worden beschouwd als bestaand. Dit geldt ook als het gaat om een productie-eenheid die wordt gewijzigd als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de RfG Verordening.

Installaties en systemen als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de DCC Verordening, waarvoor een koopovereenkomst is afgesloten op een datum gelegen tussen twee jaar na inwerkingtreding (7 september 2018) en drie jaar na publicatie (18 augustus 2019) eveneens worden beschouwd als bestaand. Dit geldt ook als het gaat om een productie-eenheid die wordt gewijzigd als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de DCC Verordening.

Kan ik bezwaar maken tegen het besluit van ACM?

Als u belanghebbende bent, dan kunt bezwaar maken bij de ACM. De ACM moet uw bezwaarschrift binnen zes weken nadat het besluit is bekendgemaakt, hebben ontvangen.

Naar het Staatscourantbericht