Acm.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruikersgemak te verbeteren. Lees meer over cookies

Onderzoek: Mogelijk grote tariefverschillen bij kostengebaseerde tarieven voor warmte

In de Wet Collectieve Warmte (WCW) is geregeld dat de Autoriteit Consument & Markt (ACM) de tarieven voor warmte op termijn gaat vaststellen op basis van de werkelijke kosten van de verschillende warmtenetten. Nu wordt het maximumtarief nog vastgesteld op basis van de gemiddelde kosten van een gasaansluiting en een gasgestookte ketel (gasreferentie of niet-meer-dan-anders principe). Uit onderzoek van twee economen van de ACM blijkt dat tariefregulering op basis van werkelijke kosten gaat zorgen voor grote veranderingen in de warmterekening van huishoudens die zijn aangesloten op een groot collectief warmtenet. Als de wetgever geen extra maatregelen neemt om tariefverschillen kleiner te maken, gaat de helft van de huishoudens mogelijk meer, en soms veel meer betalen dan nu. De andere helft van de huishoudens betaalt minder onder de nieuwe systematiek. Het onderzoek is op 5 augustus 2026 gepubliceerd in Economisch Statistische Berichten (externe website)

Bij het onderzoek is gekeken wat het effect zou zijn geweest als in het jaar 2024 al sprake was geweest van kostengebaseerde tarieven. Voor het jaar 2024 is namelijk nauwkeurige data beschikbaar over de kosten van warmtenetten, op basis van de Rendementsmonitor die ACM over dat jaar gepubliceerd heeft. Afhankelijk van het net waarop huishoudens zijn aangesloten en hun verbruik zou ongeveer de helft van de afnemers in 2024 minder betaald hebben onder de nieuwe systematiek, terwijl de rest juist meer kwijt zou zijn geweest. De tien procent afnemers met de sterkste daling zien hun rekening met gemiddeld 29 procent afnemen, terwijl de bovenste tien procent stijgers gemiddeld 71 procent meer betaalt, wat neerkomt op meer dan 740 euro per jaar. Belangrijk om hierbij te vermelden is dat het slechts een momentopname is van wat er in 2024 gebeurd zou zijn. Daarnaast is de precieze methode voor kostengebaseerde tarieven onder de WCW nog niet uitgewerkt. Daarom geeft deze analyse van de ACM wel een indicatie van de impact van kostengebaseerde tarieven, maar is dit géén voorspelling van toekomstige tarieven voor individuele warmtenetten.

De wetgever wil twee doelen bereiken met de introductie van kostengebaseerde tarieven voor warmte: afnemers betalen bij kostengebaseerde tarieven alleen voor de kosten van hun eigen warmtenet en investeerders krijgen meer zekerheid over een redelijk rendement op hun investeringen. In de wet is vastgelegd dat kostengebaseerde tariefregulering pas in werking treedt wanneer de relatieve betaalbaarheid van collectieve warmtenetten gewaarborgd is. Daarom biedt de wet ruimte voor de wetgever om aanvullende maatregelen te nemen om de betaalbaarheid van warmte voor huishoudens te verbeteren. Het onderzoek laat zien wat de gevolgen zouden zijn van vijf mogelijke vormen van dit zogenoemde flankerende beleid.

De ACM wil met dit onderzoek een bijdrage leveren aan het debat over mogelijke vormen van flankerend beleid die kunnen helpen om de onwenselijke effecten van kostengebaseerde tarieven te ondervangen. De ACM bereidt zich op dit moment op verschillende manieren voor op kostengebaseerde tariefregulering. Daarom verwacht de ACM in de komende jaren nog vaker analyses te publiceren die laten zien wat er met de nieuwe warmtetarieven gaat gebeuren.

Gerelateerde onderwerpen