Kruimelpad

Uitspraak rechtbank over prioritering van handhavingsverzoek

De rechtbank Rotterdam oordeelde op 29 juli 2021 dat als de ACM besluit om geen volledig onderzoek in te stellen, er geen basis bestaat voor het opleggen van een voorlopige maatregel.

Riedel B.V. beklaagde zich dat Coca-Cola European Partners Nederland B.V. haar dominante positie op het gebied van koolzuurhoudende frisdranken zou misbruiken. Daarmee zou de markt voor de verkoop van vruchtensappen voor buitenshuis consumptie worden afgeschermd. Riedel meende dat de ACM snel moest ingrijpen met een voorlopige maatregel.

De ACM besloot op basis van het prioriteringsbeleid (stcrt-2016-14564) om deze klacht niet verder te onderzoeken. Een onderzoek naar de marktdynamiek en de gestelde gedragingen zou een aanzienlijke inzet van mensen en middelen vragen, die nu worden ingezet voor andere onderzoeken. De ACM besloot geen voorrang te geven aan een onderzoek naar de klacht boven al lopende onderzoeken. De voorlopige maatregel beoogt tijdens een onderzoek onomkeerbare marktomstandigheden te voorkomen. De ACM deed geen nader onderzoek en kwam dus niet toe aan het opleggen van een voorlopige maatregel.

De rechtbank oordeelt dat het verkennend onderzoek naar aanleiding van de klacht en de motivering van het besluit, toereikend is.

Tegen de uitspraak kan hoger beroep worden ingediend bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.