Kruimelpad

UHT besluit uitvalsituaties hoogspanningsnet

De Autoriteit Consument & Markt heeft de voorgestelde wijziging van het Besluit investeringsplan en kwaliteit elektriciteit en gas getoetst op te verwachten problemen in de uitvoering en handhaving.

De UHT zag op een eerdere versie van het Besluit. Op 14 december 2020 is de definitieve versie van het Besluit  gepubliceerd in het Staatsblad. De ACM acht het conceptbesluit uitvoerbaar en handhaafbaar, maar signaleert een tweetal mogelijke problemen. Om die te ondervangen stelt de ACM een aantal voorzieningen voor die verwerkt kunnen worden bij de verdere vormgeving van het besluit. Daarmee zouden de door ACM gesignaleerde (potentiĆ«le) uitvoerbaarheids- en handhaafbaarheidsproblemen voorkomen worden.

Betrouwbaarheid

De ACM heeft ten eerste uitgewerkt hoe naast het bevorderen van duurzaamheid, het huidige niveau van betrouwbaarheid kan worden behouden met beperkte aanpassingen van het besluit. Het besluit doet volgens de ACM onnodig afbreuk aan het niveau van betrouwbaarheid van het net, doordat de vrijstellingen in het besluit ruimer zijn dan noodzakelijk om duurzaamheid te faciliteren en de capaciteitsproblemen te verminderen. Daarnaast ontbreekt een prikkel voor TenneT om het niveau van betrouwbaarheid te waarborgen. De ACM doet een aantal gedetailleerde suggesties aan om de betrouwbaarheid te borgen in het besluit, zonder dat dit in de weg staat aan de andere doelen die het besluit beoogt.

Afnemers en producenten

Daarnaast blijkt uit verschillende artikelen van het conceptbesluit dat uitval van een verbinding, een transformator of een rail, tot een onderbreking van het transport voor elektriciteit bij verbruikende afnemers en producerende afnemers zal leiden. Daarbij is de uitvalduur bij producerende afnemers langer dan voor verbruikende afnemers. Netten en netdelen op het spanningsniveau van 110 kV en hoger hebben meestal een gemengd afnemersbestand. Achter een netdeel zitten dus in de regel zowel verbruikende als producerende afnemers. De ACM heeft hier twee mogelijke problemen gesignaleerd, namelijk dat onderscheid wordt gemaakt tussen afnemers en dat kan leiden tot discriminatie, en dat onduidelijk is welke producenten moeten worden afgeschakeld. De ACM vraagt de minister van EZK het besluit op de hiervoor genoemde punten nader toe te lichten en te specificeren.

Achtergrond

Het besluit is een uitwerking van artikel 16, vierde lid, onderdeel a, en vijfde lid, van de Elektriciteitswet 1998, zoals dat komt te luiden met de inwerkingtreding van de Wet van 9 april 2018 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (voortgang energietransitie) (Stb. 2018, 109). Dit besluit bevat de vrijstellingen van de wettelijke norm dat een net met een spanningsniveau van 110 kV of hoger, met uitzondering van het net op zee, zodanig is ontworpen en in werking is dat het transport van elektriciteit ook is verzekerd indien zich een uitvalsituatie voordoet. Ook wordt met dit besluit bepaalde ruimte in het elektriciteitsnet vrijgegeven voor (duurzaam) opgewekte elektriciteit. Tevens bevat dit besluit de regels voor de verlening, wijziging en intrekking van een ontheffing voor een bepaald onderdeel van het net, welke op aanvraag van de betreffende netbeheerder verleend kan worden door de Autoriteit Consument en Markt.

Inwerkingtreding Besluit

Op 1 januari 2021 is het besluit in werking getreden. Naar aanleiding van de UHT en het advies van de Raad van State op het besluit, heeft EZK wijzigingen doorgevoerd in het besluit.