Kruimelpad

Presentatie

Speech Michiel Denkers havenseminar: ACM in Havens en Transport

04-11-2016

Michiel Denkers, directeur Mededinging bij de Autoriteit Consument & Markt, sprak op woensdag 2 november 2016 op het Havenseminar in Rotterdam. Dit seminar ging over samenwerking in de haven en de Mededingingsregels.

ACM heeft ‘havens en transport’ als thema op de agenda staan. De aanpak gaat langs twee sporen: voorlichting over het voorkomen van kartels en (2) het aanpakken van kartels.

Samenwerking in deze sector de efficiency verhogen. Dat is goed voor de economie. Maar er moet ook eerlijke concurrentie zijn. Er zijn dus grenzen aan de samenwerking. Prijsafspraken, marktverdeling, bid-rigging (afspraken tussen bedrijven wie een aanbesteding gaat winnen) en het uitwisselen van concurrentiegevoelige informatie mag niet.

Lees hieronder de volledige speech van Denkers.

Volledige speech Michiel Denkers voor seminar concurrentie Haven

Ik was dit voorjaar door het Havenbedrijf uitgenodigd om een kijkje te nemen in de haven. Met onder andere de heren Smits en Van Zoelen maakten we een rondvaart door de Europoort. En dat maakt indruk. Het maakt letterlijk zichtbaar op welke grote schaal hier wordt gewerkt. En hoe belangrijk het is om samen te werken in de haven. Er zijn veel schakels nodig om een product van de fabriek in Shanghai naar een klant in Düsseldorf te krijgen. Dat hoef ik u niet uit te leggen. Maar dat werd voor mij heel zichtbaar en voelbaar in de Rotterdamse haven. Daar heb ik echt bewondering voor.

De vorige sprekers hebben  de nadruk gelegd op samenwerken. Verder hebben sprekers gezegd dat wij als toezichthouder de grenzen van de Mededingingswet beter moeten aangeven. En ruimte moeten geven. Ik kom daar later op terug.

Voor alle duidelijkheid, ik zie ook de kracht van samenwerken. Samenwerken voor een sterke haven. Dat betekent in mijn ogen samenwerken voor een goed concurrerende haven.

Kijk, daar zijn wij ook van. Eerlijke concurrentie. Kansen en keuzes voor bedrijven en consumenten. Als er wordt gewerkt met dát doel, vindt u ons aan uw zijde.

Vandaag ga ik daar dieper op in. Wat is eerlijke concurrentie? En wat niet. Wat doet ACM nu in de haven? Waarom is de haven prioriteit van ons? Wat betekent deze aandacht van ACM voor u?

Ik beantwoord deze vragen in drie blokken.

  • Allereerst ga ik in op de Mededingingswet.
  • Daarna leg ik uit waarom wij de haven en alles eromheen in het vizier hebben.
  • Als laatste ga ik in op de mogelijkheden voor legale samenwerking en bij illegale samenwerking in de haven.

Dames en heren,

Eigenlijk is de Mededingingswet niet eens zo oud. Nog geen 20 jaar geleden hadden we alleen een ‘kartelregister’ waar u zich kon melden als u innig ging samenwerken binnen uw sector. Een aantal  van u herinnert zich dat vast nog. Daar moest u dan ‘ontheffing’ voor krijgen. Dat was de eerste stap naar de Mededingingswet. Er kwamen strikte grenzen aan kartelvorming. En de Nederlandse Mededingingsautoriteit ging handhaven.

Niet voor niets. Kartelvorming is schadelijk voor de economie en  schadelijk voor onze maatschappij, schadelijk voor uw bedrijf, het is schadelijk voor andere bedrijven en laten we vooral niet vergeten het is schadelijk voor ons allemaal, als consument.

Ik leg uit. Ten eerste: Kartels zijn schadelijk voor uw bedrijf. Dat geldt zowel voor het geval u er zelf ín zit als voor het geval u er níet in zit.

Als u er zelf in zit loopt u kans op

  • een boete voor uw bedrijf;
  • een boete voor u als bestuurder of directeur;
  • of schadeclaims van gedupeerden
  • En wat dacht u van de imagoschade omdat u bekend staat als iemand die de wet overtreedt.

Dat is dus vier keer kans op schade.

Als uw concurrenten vals spelen bent u zelf de dupe. Ze sluiten u uit en profiteren van hun overtredingen. Ze zadelen u en de maatschappij op met te hoge rekeningen, minder service en achterblijvende innovatie.

En voor de haven als geheel vermindert dan de concurrentiepositie ten opzichte van andere havens.

Het belang van een goede concurrentiepositie hoef ik niet verder te onderstrepen dat heeft mevrouw Van der Laan reeds gedaan.

Die concurrentiepositie ten opzichte van andere havens boeit mij ook. Ik hoor regelmatig dat wij te weinig oog en oor hebben voor de uitdagingen om de internationale concurrentiepositie van de Rotterdamse haven te behouden. De heer Janssen stipte dit zojuist ook aan.

Laat ik er dit van zeggen.

Kartelvorming verhoogt de prijzen. Ook ten opzichte van andere havens. Dat is niet goed voor de concurrentiepositie van de haven. Verschillende, vaak internationale onderzoeken, hebben laten zien dat kartels de prijs opdrijven. Dat varieert van 15 tot wel 36%. Hogere prijzen worden over het algemeen gewoon doorberekend. En uiteindelijk bij de consument in rekening gebracht. Bedrijven in een kartel zadelen de maatschappij dus op met te hoge rekeningen. Kartels zijn dus schadelijk voor de maatschappij, bedrijven en consumenten.

Het kan zijn dat ‘het risico op schade’ u niet aanspreekt.

Graag zou ik u dan willen aanspreken op uw maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Laten we wel zijn, kartels is diefstal.

  • Dat is iets dat je niet doet,
  • Dat is iets dat je niet wilt dat jou overkomt
  • Dat is iets dat je zou moeten willen.

Kortom, om deze redenen alleen al moet niemand kartels willen. Bedrijven moeten eerlijk met elkaar concurreren om klanten. Dat houdt de prijzen scherp, het stimuleert om betere producten of diensten te leveren en het bevordert innovatie.

Dat is dus het hart van de Mededingingsregels en ons toezicht: een eerlijke markt. ACM richt zich bij dit thema op het aanpakken van de zogenoemde ‘rotte appels’ die het voor anderen verzieken.

Thema Havens en transport

Ik ga verder met het volgende punt. Op de ACM agenda prijkt inderdaad ‘havens en transport’. Ik heb  gemerkt dat het onrust heeft veroorzaakt. We horen vragen als: Mogen we nog wel doen wat we doen? Valt ACM nu zomaar bij ons binnen? De heer Janssen hield hier al drie krantenartikelen omhoog. Daaruit blijkt dat er nu vragen zijn over samenwerking in de haven. Of die nu wel voldoet. Dat verbaast ons enigszins. Hoe kan het nu zo zijn dat, als wij ergens de loep opleggen, er ineens onzekerheid ontstaat? Waren de regels dan wel duidelijk vóórdat wij hier ons vizier op richtten?

Dus: waarom nu havens en transport?

Drie overwegingen spelen daarbij een rol.

Ten eerste het economisch belang. De Nederlandse logistieke sector – dat is inclusief alle havens - is goed voor 9% van de economie. Binnen de Nederlandse economie zijn de havens, en dan in het bijzonder de Rotterdamse haven, een belangrijke pijler.

Het gaat ons overigens niet alleen om bedrijven die zich in de haven hebben gevestigd, maar ook de bedrijven die een logistieke functie hebben: transport, verwerking, opslag. We kijken dus met een brede blik naar de haven.

En natuurlijk, waar een groot aantal bedrijven zich bezighoudt met logistiek, worden er  afspraken gemaakt  om samen te werken.

Dat is logisch. Er is in bepaalde sectoren sprake van zeer intensieve samenwerking. Wij constateren grote zakelijke- en persoonlijke onderlinge verwevenheden. Dat is de tweede reden.

Samenwerken en verwevenheid is zeker niet verboden. Maar we hebben de afgelopen jaren meerdere signalen gekregen dat een kleine groep ondernemingen ook afspraken maakt en samenwerkingen aangaat die wel verboden zijn. En daar richten we ons ook op. We hebben meerdere onderzoeken lopen. Een aantal van u weet dat. Dat is dus ook een reden – de derde reden - waarom we de haven en transport in ons vizier hebben.

Goed. De volgende vraag is dan. Op welke manier gaat ACM dan in de haven opereren? Wij hebben als toezichtstijl: probleemoplossend toezicht. Dat betekent dat ACM de problemen zo effectief  mogelijk wil aanpakken. We hebben een ‘gereedschapskist’ met verschillende instrumenten om ons doel te bereiken.

  • Soms is dat informeren.

  • Soms is dat een goed gesprek.

  • Soms is dat een toezegging.

  • En ja, boetes horen er zeker ook bij.

Zeker daar waar het gaat om ondernemingen die afspraken maken over prijzen en markten verdelen. Dat zijn voor ons de rotte appels waar ik het eerder over had die hard door ons worden aangepakt.

Ons doel is om mensen die werken in en rond de haven, bewust te maken van de concurrentieregels. We willen dat  zij zich daaraan houden. Dat het normaal is om je aan de wet te houden.

De heer Janssen en mevrouw Van der Laan hebben dat ook benadrukt en ondersteunen compliance.

Want we zien  dat er bij veel bedrijven nog onvoldoende kennis is over de Mededingingswet. Wat we verder zien is dat de bereidheid om de regels te overtreden soms  groot is.

En dat willen we – samen met u – aanpakken.

Een onderdeel van de aanpak heeft u al gezien. Het afgelopen jaar heeft u al kennis gemaakt met de voorlichtingscampagne over kartels. Kartels gaan nooit onopgemerkt. Dat is één van de voorbeelden uit onze aanpak in de haven. Deze anti-kartelcampagne bestond uit een speciale website, een video met onze opsporingsvlieg, en het via LinkedIn benaderen van u en uw collega’s.

Met die voorlichting gaan we door. Niet met als doel om u collectief op het verdachtenbankje te zetten, nee, zeker niet. Maar om u erop te wijzen dat er wetten en regels zijn die goed zijn voor de economie van het land, voor de concurrentiekracht van de sector, voor u als bedrijf én voor de bescherming van de consument.

We willen samen met u kennis, houding en gedrag over eerlijke concurrentie bevorderen. Daarom pakken we ook graag de handschoen op van de dialoog.

Dat is de reden waarom we al vorig jaar al contact hebben gezocht met de Haven en waarom ik ook graag nu hier sta. En we zijn blij dat we samen met het Havenbedrijf en Deltalinqs over twee maanden een grote bijeenkomst hebben. Dat kondig ik bij deze graag vast aan. Daar spreken we met elkaar verder hoe we de haven beter concurrerend kunnen maken en houden. Tijdens deze bijeenkomst, zullen we nader ingaan op een deel van onze activiteiten die we hebben ondernomen of nog gaan ondernemen. Ik ben ook blij dat onze bestuurders, de heren Fonteijn, Castelein en Lak daar op zullen treden. Ik nodig u hierbij alvast uit: houdt 11 januari 2017 vrij. Een goed begin van het nieuwe jaar.

En dan mijn derde punt voor vandaag.

Legale en illegale samenwerking

Ik maak hier een onderscheid in legale en illegale samenwerking. Laat ik met de legale samenwerking beginnen. We worden regelmatig gevraagd of er nu helemaal niet meer samengewerkt mag worden in de haven. Ook de vorige sprekers werpen die vraag op. Het komt erop neer dat verschillende partijen het belang van innige samenwerking benadrukken om de concurrentiepositie van de haven goed te houden. Er is volgens deze partijen juist nú samenwerking nodig. Er liggen nieuwe uitdagingen, ook op het gebied van duurzaamheid, energie en veiligheid.

Laat ik één punt er gelijk uitlichten. Bedrijven moeten open zijn over hun samenwerkingen. Zorg dat u aan iedereen kunt verantwoorden dat uw bedrijf een bepaalde samenwerking aangaat. Volgens mij begint het dus met transparant zijn over alle samenwerkingen.

Ten tweede moet u een eerlijk antwoord geven op deze vraag:

  • Wat is precies de aanleiding om te willen samenwerken?
  • Bij wie komen de voordelen terecht?
  • Komen de voordelen van de samenwerking wel geheel bij de consument?
  • Of profiteren de samenwerkende bedrijven er alleen maar van?
  • Als dat laatste het geval, moet er bij u een ‘rood lampje’ gaan branden.

Samenwerking, ook in de haven is mogelijk en soms ook nodig om de concurrentie te verbeteren. Het gaat dan bijvoorbeeld om het verbeteren van de efficiëntie van de haven als transportketen. Efficiëntie die overigens dan wel geheel ten goede dient te komen aan de eindklant.

Eerder heeft het Havenbedrijf en nu ook mevrouw Van der Laan een aantal voorbeelden bij ACM neergelegd van samenwerking die in het licht van mededingingsrisico’s onze aandacht behoeven.

Laat ik even kort ingaan op enkele voorbeelden van mevrouw Van der Laan. Zij noemt het onderhoud van de raffinaderijen. Naar mijn beleving doen raffinaderijen er goed aan alleen die informatie te geven die noodzakelijk is voor wegbeheerders om goed te kunnen plannen. Dat af en toe een deel van een raffinaderij stil ligt door een onderhoudsstop, is volgens mij al sinds het bestaan van raffinaderijen een feit, maar dan begeef ik me op het vakgebied van mevrouw Van der Laan. Ik vraag mij wel af, is het door mevrouw Van der Laan geschetste probleem met de raffinaderijen nu zo groot binnen de haven dat deze problematiek nu onze aandacht verdient? Als dat het geval is wil ik hier graag verder over praten, maar dan wel op basis van een goed gedocumenteerd dossier.

Mevrouw Van der Laan schetst de ontwikkelingen met ‘Big Data’ en de binnenscheepvaart. Ik kan moeilijk oordelen over het voorbeeld omdat het niet gedetailleerd genoeg is, maar de vragen die ik zou hebben zijn:  Welke informatie wilt u precies uitwisselen? Is het noodzakelijk?

Ik ben in dit kader ook benieuwd wat de binnenvaart aan efficiency heeft gewonnen na onze vorige uitspraak in 2012 waarbij er een ‘innovatieschuur’ werd opgericht. Bedrijven, studenten en binnenvaartondernemers zouden onderzoek uitvoeren met de vraag hoe de bestaande binnenvaartvloot nog schoner en zuiniger gemaakt kan worden. Heeft dat goed gewerkt? Dan is er wellicht ook ruimte gevonden om efficiencyslagen te maken zonder dat de Mededingingsregels in beeld kwamen.

Als laatste voorbeeld noemt u het ‘Werkzekerheidsakkoord Containersector Rotterdam’ Daarover is op 10 oktober een dossier bij ons aangeleverd. We bekijken dat nu en gaan met daarover met betrokken partijen in overleg. Mochten anderen hierover met ons nog willen spreken, dan kan dat ook. Neemt u dan vooral contact met ons op.

Kortom, Mevrouw Van der Laan schetst dat projecten nodeloos ingewikkeld worden vanwege de Mededingingsregels. Als dat zo is, dan zouden we graag met haar in deze gedetailleerde dossiers duiken.

Er is ruimte is voor overleg.

Waar ik voor de zekerheid nog wel op wijs, is ieders verantwoordelijkheid. U bent als bedrijf of brancheorganisatie in eerste instantie zelf aan zet. Daarnaast kunnen adviseurs u helpen bij het maken van een zogenoemd ‘self-assesment’. Daaruit blijkt dan of er risico’s zijn, welke risico zich precies onder bepaalde omstandigheden voordoet, wat de weging is van de risico’s en hoe die risico’s uit te sluiten zijn of te verminderen zijn tot een voor iedereen aanvaardbaar niveau. Als u dan nog met vragen zit, kunt u - met alle documenten erbij - een afspraak met ons maken om een zaak aan ons voor te leggen. ACM beoordeelt eerst of de situatie zich ook elders kan voordoen. Dan beschouwen we het als een voorbeeld voor de hele sector. ACM kan dan – vaak in algemene termen – inzicht geven in hoe wij de zaak beoordelen en welke risico’s dat kan hebben.

Ik denk dat er veel koud-water-vrees is als het gaat om samenwerking en eerlijke concurrentie. De belangrijkste vraag die u bij samenwerking moet beantwoorden is: Wat levert de samenwerking op voor de consument? Zou de consument de samenwerking ook een goede zaak vinden? Als u hier ‘ja’ op kunt antwoorden, dan bent u  waarschijnlijk al een heel eind op de goede weg.

Dan een paar woorden over illegale samenwerking

ACM richt zich met het thema Haven en Transport vooral op samenwerking die écht niet kan; de hard-core kartels noemen wij dat.

Onze opsporing kijkt vooral naar deze vormen van overtreding van de Mededingingswet. En ik moet u zeggen; ja, die komen helaas ook in de haven voor.

Ik geef vier voorbeelden van illegale samenwerking.

Eén. Prijsafspraken.

Kijk naar onze recente uitspraak over koel- en vrieshuizen. Daar werden afspraken gemaakt om de tarieven voor opslag van vis en vruchtensappen te verhogen. Door de verschillende partners zijn er bijvoorbeeld gesprekken geweest en mails over en weer gestuurd met de voorgenomen verhoging van tarieven. Dit is strikt verboden!

Twee. Marktverdeling.

Bijvoorbeeld elkaars klanten ‘respecteren’ of afspreken in welke gebieden je actief bent. Zo maakten afvalverwerkers van scheepsafval onderling afspraken wie welke klus mocht doen. Op 20 oktober heeft de rechter zich daar nog duidelijk over uitgesproken. Dit is verboden en wordt door de rechter bevestigd. Een aantal bedrijven en personen moet 2.8 miljoen betalen.

De derde vorm die verboden is, is bid-rigging. Als er een aanbesteding wordt uitgeschreven, mogen de aanbieders onderling géén afspraken maken. Zelfs niet om ‘in het zicht van de opdrachtgever’ te blijven. Dat gebeurde bijvoorbeeld bij het  zeescheepsafval. Maar natuurlijk de bekendste zaken waren tijdens de bouwfraude. Ook hier zijn zware straffen uitgedeeld die zijn bevestigd door de rechter.

De vierde vorm is informatie-uitwisseling. Die lijkt ingewikkelder en is ook ingewikkelder. Maar sommige informatie kúnt u gewoon niet uitwisselen. Informatie over voorgenomen prijzen, tarieven of kostprijzen. Maar ook informatie die bijvoorbeeld via een branchevereniging wordt gedeeld kan leiden tot een verstoring van de concurrentie.

De toets voor ons is: Leidt de uitgewisselde informatie tot het verminderen van onzekerheid over het marktgedrag van uw concurrenten. Als dit het geval is, dan bevindt u zich op glad ijs.

Ik rond af.

ACM waakt over eerlijke concurrentie. U weet wat u níet moet doen: onderlinge prijsafspraken maken, markten verdelen, bid-rigging en het  delen van concurrentiegevoelige informatie.

Wij hebben de haven en transport nu meer in het vizier. We zullen deels zichtbaar bijvoorbeeld met voorlichting aanwezig zijn.

We ondersteunen u graag bij de uitleg en verduidelijking van de concurrentieregels en willen daarmee de noodzaak van regelnaleving benadrukken.

Maar we zijn ook deels onzichtbaar aanwezig. Bijvoorbeeld als we onderzoek doen.

Dat zijn de regels. Maar daarnaast doe ik ook moreel appel op u. De Mededingingswet is er om eerlijk te concurreren, eerlijk te ondernemen. Het hoort thuis en vormt een belangrijk onderdeel in een integere haven.

U allen

  • bedrijven,
  • het Havenbedrijf
  • brancheorganisaties
  • vakbonden
  • advocatuur, andere adviseur
  •  werkgevers en werknemers –

hebt een maatschappelijke verantwoordelijkheid. En bij die maatschappelijke verantwoordelijkheid hoort dat u zich aan de wetten en regels houdt. In ons geval voor een eerlijke concurrentie. Wij gaan er vanuit dat u deze verantwoordelijkheid voelt en neemt. Dan vindt u ons aan uw zijde.