Kruimelpad

Uitspraak CBb in hoger beroep telemarketingboetes Pretium

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft op 25 augustus 2015 uitspraak gedaan in hoger beroep in de zaak over de telemarketingboetes die ACM (destijds als Consumentenautoriteit) aan Pretium had opgelegd.

Het CBb heeft geoordeeld dat ACM terecht boetes heeft opgelegd aan Pretium voor de overtreding van wettelijke voorschriften bij telemarketing.

Pretium informeerde consumenten aan het begin van de gesprekken niet duidelijk over haar identiteit en commercieel oogmerk. Ook heeft Pretium niet vóór het sluiten van de overeenkomst consumenten geïnformeerd over de belangrijkste kenmerken van het abonnement dat zij zouden afsluiten, namelijk de gesprekskosten en de minimale duur van de overeenkomst. Ook heeft het bedrijf de consument niet gemeld dat er een bedenktijd gold.

Met betrekking tot een andere verplichting stelt het CBb Pretium in het gelijk, namelijk de verplichting die ging over de welkomsbrieven voor nieuwe klanten. Pretium en ACM verschilden namelijk van mening of de bedenktijd gaat lopen vanaf het moment van verzending of op het moment van ontvangst van de brief.

Het CBb heeft geoordeeld dat de wettelijke bepaling op dit punt niet duidelijk is en dat dat niet ten nadele van Pretium mag komen. Het CBb vernietigt de boete en de last onder dwangsom die ACM voor deze verplichting had opgelegd. De overige boetes en lasten voor de andere overtredingen bleven  grotendeels in stand. Het CBb draait de boeteverlaging die de rechtbank Rotterdam had opgelegd in verband met uitlatingen van een ACM-medewerker in het televisieprogramma Kassa terug van 25% naar 5%. Daarnaast verminderde het CBb de boetes omdat de procedures te lang hebben geduurd.

Dat betekent dat de eerdere boete van 87.000 euro werd verlaagd naar
47.712 euro en dat één van de drie lasten onder dwangsom is vernietigd.

Dit besluit is onherroepelijk.

Lees de uitspraak van het CBb op rechtspraak.nl: