Uitspraak CBb over opgelegde bindende aanwijzing inzake de enkelvoudige storingsreserve TenneT
Het CBb heeft geoordeeld dat ACM terecht een bindende aanwijzing aan TenneT heeft opgelegd. De bindende aanwijzing zag op de handhaving van de enkelvoudige storingsreserve bij TenneT.
Waar ging de zaak over?
Het ging om een beroep van TenneT tegen de – toen nog – NMa (hierna: ACM) opgelegde bindende aanwijzing van 3 oktober 2012. De vraag die voorlag was of TenneT tijdens het uitvoeren van testwerkzaamheden overeenkomstig de verplichting van de enkelvoudige storingsreserve heeft gehandeld. En of de ACM naar aanleiding daarvan terecht een bindende aanwijzing heeft opgelegd.
TenneT had testen uitgevoerd aan een veld en na het afronden van deze activiteit is dat veld uitgevallen. Zonder dit op te merken is zij doorgegaan met precies dezelfde testwerkzaamheden aan het tweede (reserve) veld. Hierdoor viel ook dit veld uit. Gevolg was dat het net ter plekke – en dus ook kunstmestfabriek Yara Sluiskil die op dit net was aangesloten – spanningsloos zijn geraakt.
In de bindende aanwijzing is de bestaande wettelijke verplichting voor TenneT om op de bij TenneT in beheer zijnde netten van 110 kV en hoger een enkelvoudige storingsreserve te handhaven, in rechte vastgesteld. Tevens is in de bindende aanwijzing opgenomen dat TenneT haar procedures en werkzaamheden zodanig dient in te richten dat zij (ook) bij de uitvoering van de werkzaamheden een enkelvoudige storingsreserve handhaaft. Met de bindende aanwijzing heeft ACM gedragsverandering bij TenneT beoogd zodat dergelijke storingen niet meer voorkomen. TenneT heeft reeds aan de bindende aanwijzing voldaan.
Uitspraak CBb
Het College overweegt dat op zichzelf sprake kan zijn van een situatie waarin wordt gehandeld overeenkomstig de norm van de enkelvoudige storingsreserve, maar waarin toch een stroomstoring optreedt. Het College is evenwel met ACM van oordeel dat TenneT in dit geval de norm van handhaving van de enkelvoudige storingsreserve heeft geschonden. Het College is het met ACM eens dat TenneT het gevolg van de werkzaamheden aan het ene veld had moeten en ook kunnen afwachten voordat zij doorging met de werkzaamheden aan het andere veld. Daarbij is voor de vraag of conform de norm van de enkelvoudige storingsreserve is gehandeld niet van belang of is onderzocht in hoeverre er een risico op stroomstoring is.
Concluderend stelt het College dat ACM op goede gronden heeft geoordeeld dat TenneT in dit geval de enkelvoudige storingsreserve niet heeft gehandhaafd. Het beroep is dan ook ongegrond.