Kruimelpad

Nieuwsbericht

Meer onderzoek nodig naar samenvoegen asfaltcentrales BAM en Heijmans

05-11-2019

Bouwondernemingen BAM en Heijmans mogen hun asfaltcentrales nog niet bundelen. BAM en Heijmans zijn bouwbedrijven met elk eigen asfaltcentrales die ook leveren aan andere wegenbouwbedrijven. De ACM wil nader onderzoeken of concurrerende wegenbouwbedrijven nog voldoende keuze hebben om aan asfalt te komen na de samenvoeging van de centrales van BAM en Heijmans zodat er voldoende concurrentie overblijft op de wegenbouwmarkt.

Wegenbouwbedrijven kiezen om verschillende redenen voor een asfaltcentrale in de buurt van de weg die ze aanleggen. Daarbij spelen de kosten van het vervoer van asfalt een grote rol. Verspreid over het land zijn er meer dan 30 asfaltcentrales. BAM en Heijmans willen hun 10 asfaltcentrales bundelen in één onderneming. In de meeste regio’s van het land levert de bundeling van de asfaltcentrales door BAM en Heijmans geen problemen op voor de concurrentie.

De ACM wil de gevolgen van de bundeling in twee regio’s nader onderzoeken. Het gaat om de asfaltcentrales in Helmond (Brabantse Asfaltcentrale, BAC) en in Stein (Asfaltcentrale Limburg, ACL). In de regio Helmond worden BAM en Heijmans samen een grote partij op het gebied van het leveren van asfalt. De asfaltcentrale in Stein heeft al een hoog marktaandeel. Het is de vraag of er voldoende concurrentie overblijft zodat andere wegenbouwbedrijven asfalt tegen een goede prijs en goede voorwaarden geleverd kunnen blijven krijgen.

Hoe nu verder?

Als BAM en Heijmans hun asfaltcentrales willen bundelen, moeten ze een vergunning bij de ACM aanvragen. De ACM doet dan nader onderzoek naar de concurrentie in de twee regio’s in Zuid-Oost Nederland.

Controle op fusies, overnames en gemeenschappelijke ondernemingen

Het is bij elke fusie, overname of het oprichten van een gemeenschappelijke onderneming de vraag of er nog voldoende concurrentie overblijft. Concurrentie zorgt ervoor dat er een product voor een goede prijs en kwaliteit op de markt is. Daarom besluit de ACM of de bedrijven mogen fuseren, elkaar mogen overnemen of een gemeenschappelijke onderneming mogen oprichten. De ACM beoordeelt of de markten na de transactie goed zullen blijven werken voor mensen en bedrijven.