Uitspraak CBb in geschilbesluit Biotech - Stedin
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft op 2 juni 2026 uitspraak gedaan in het beroep van Biotech Campus Delft Utilities B.V. (Biotech) tegen een geschilbesluit van de ACM. Bij deze procedure was Stedin Netbeheer B.V. (Stedin) als derde partij betrokken. Het CBb verklaart het beroep ongegrond. Dit betekent dat het oordeel van de ACM in het geschilbesluit juist is.
Waar gaat de zaak over?
Biotech stelde dat zij op grond van de Netcode elektriciteit recht had op een 10 MVA-aansluiting op 25 kV en dat Stedin zich niet kon beroepen op afwijkende deelmarktgrenzen. Volgens Biotech had Stedin deze afwijking niet correct gemeld bij de ACM en was de bevoegdheid om af te wijken überhaupt onrechtmatig toegekend aan netbeheerders. Stedin stelde daartegenover dat zij haar afwijkende deelmarktgrenzen wel degelijk correct had gemeld via haar jaarlijkse tarievenvoorstel en dat een 10 MVA-aansluiting binnen haar verzorgingsgebied daarom op 23 kV wordt aangesloten in plaats van de gevraagde 25 kV. De ACM gaf Stedin op dit punt gelijk, de melding voldeed en Stedin maakte rechtmatig gebruik van haar afwijkingsbevoegdheid.
Wat zijn deelmarktgrenzen?
Deelmarktgrenzen zijn de grenzen tussen verschillende netvlakken en verschillende typen aansluitingen. Tussen de grenzen mag een netbeheerder verschillende tarieven en diensten aanbieden. In de Netcode elektriciteit en de Tarievencode elektriciteit zijn de standaardgrenzen opgenomen, maar een netbeheerder mag van die grenzen afwijken. Daarvoor geldt wel dat de netbeheerder dit bij de ACM moet melden en dat de ACM deze afwijking moet vaststellen.
Wat oordeelt het CBb?
Het CBb verklaart het beroep van Biotech ongegrond. Dit betekent dat de ACM juist heeft geoordeeld in het geschilbesluit. Het CBb overweegt dat artikel 2.25 lid 4 Netcode elektriciteit een beperkte, ingekaderde afwijkingsmogelijkheid biedt die in de praktijk verbonden is aan de procedure rond tariefvoorstellen en Tarievenbesluiten (waarbij de ACM de afwijkingen beoordeelt). Het CBb wijst erop dat Stedin haar afwijkende deelmarktgrenzen heeft gemeld via het Tarievenvoorstel 2023 en dat de ACM die grenzen heeft overgenomen in het Tarievenbesluit Stedin 2023 (vastgesteld 21 november 2022) en gepubliceerd (bijlage bij het tarievenblad). Daardoor trad het rechtsgevolg van de afwijkende deelmarktgrenzen pas in bij het vaststellen van het Tarievenbesluit. Het CBb merkt verder op dat de ingekaderde afwijkingsmogelijkheid niet in strijd is met de bevoegdheden van de ACM onder artikel 31 en 36 Elektriciteitswet 1998 en dat de situatie niet vergelijkbaar is met eerdere uitspraken die onbeperkte afwijkingsbevoegdheden betroffen. Omdat de ACM uiteindelijk via het Tarievenbesluit de afwijkende deelmarktgrenzen vaststelt en publiceert, oordeelt het CBb dat Biotechs overige argumenten niet meer besproken hoeven te worden.
De uitspraak van het CBb is definitief. Daarmee is het besluit onherroepelijk.
Zie ook
- 10-09-2024 Geschilbesluit Biotech – Stedin