Kruimelpad

Gerechtelijke uitspraak

Uitspraak CBb in concentratiezaak KPN-Reggefiber II

20-02-2018

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft het hoger beroep van Vodafone tegen de ACM ongegrond verklaard. De procedure was door Vodafone aangespannen tegen het besluit van de ACM in de zaak KPN Reggefiber II en de uitspraak van de rechtbank Rotterdam in die zaak in eerste aanleg. De vergunning die ACM eerder had gegeven aan KPN voor de volledige overname van Reggefiber blijft daarmee in stand. De uitspraak van het CBb is onherroepelijk.

Volledig overname Reggefiber door KPN

ACM verleende in oktober 2014 een vergunning aan KPN voor de volledige overname van Reggefiber. Reggefiber houdt zich bezig met de aanleg en exploitatie van een nationaal glasvezelnetwerk voor consumenten. Over dit netwerk kunnen, net als het kopernetwerk en het kabelnetwerk, door verschillende retailaanbieders telecommunicatiediensten worden aangeboden. Vóór deze concentratie was Reggefiber een gezamenlijke onderneming van KPN en Reggefiber Holding. Met het verkrijgen van deze vergunning heeft KPN het alleen voor het zeggen over Reggefiber.

Overname geen effect op concurrentie

ACM heeft in 2014 na onderzoek geconcludeerd dat deze overname niet zou leiden tot een significante beperking van de mededinging. Belangrijk onderdeel in deze conclusie is dat het glasvezelnetwerk op basis van de Telecommunicatiewet wordt gereguleerd. KPN moet ook op dit netwerk andere partijen blijven toestaan om diensten te leveren aan consumenten en bedrijven. Deze maatregel is aan KPN opgelegd op grond van de zogenaamde marktanalysebesluiten op basis van de Telecommunicatiewet.

Volgens het CBb moest deze overname worden beoordeeld in de specifieke context van de telecommunicatiesector. Sectorregulering is een van de relevante omstandigheden waarmee rekening moest worden gehouden.

Een onderdeel van deze regulering is dat de ACM maximumtarieven vaststelt voor toegang tot het glasvezelnetwerk. Het CBb overweegt dat de maximum tarieven, die de ACM in het kader van haar reguleringsfunctie vaststelt, zijn gebaseerd zijn op een kostprijs, waarbij rekening wordt gehouden met een zeker redelijk rendement dat investeerders in een glasvezelnetwerk moeten kunnen behalen.

Vodafone vreesde na de volledige overname van Reggefiber een prijsstijging van de toegangstarieven van KPN. Het CBb oordeelt dat, zolang een prijsstijging niet leidt tot tarieven boven het gereguleerde maximum, er geen sprake is van een mededingingsprobleem.