Kruimelpad

Besluit

Gebruiksvergoeding spoor 2015 en 2016

23-07-2015

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft getoetst of de tariefstijging voldoet aan de wettelijke eisen. Op veel punten is dat naar het oordeel van ACM het geval. Deels wordt de stijging veroorzaakt doordat kosten die gerelateerd zijn aan het gebruik van het spoor voorheen niet werden meegenomen en nu terecht wel. Deels gaat het ook om een stijging in de totale kosten van ProRail die deels moeten worden doorberekend in de tarieven.

Op drie onderdelen voldoen de tarieven die ProRail in 2016 in rekening wil gaan brengen naar het oordeel van ACM niet aan de wettelijke eisen. Op deze onderdelen moet ProRail de berekening van de tarieven bijstellen en als gevolg daarvan de tarieven voor 2016 aanpassen. Die aanpassingen leiden tot een minder grote verhoging van de tarieven van lichtere treinen dan oorspronkelijk voorzien. Voor FMN, die vooral met lichte treinen rijdt, betreft het dus een gunstige bijstelling.

Tot slot heeft ACM geconstateerd dat ProRail onvoldoende duidelijk heeft gemaakt welk deel van de onderhoudskosten voor spoor en wissels en de kosten voor vervangingsinvesteringen variabel is en waarom. ACM heeft ProRail opdracht gegeven binnen tien weken een voldoende duidelijke en deugdelijke motivering vast te stellen en die opnieuw ter beoordeling aan ACM voor te leggen.

Dit besluit gaat over de tarieven die diverse vervoerders (NS, FMN, goederenvervoerders) aan ProRail betalen voor het gebruik van het spoor en de stations. Deze tarieven dienen te voldoen aan de Spoorwegwet. Een belangrijke bepaling in die wet is dat de tarieven gelijk dienen te zijn aan de kosten die door het gebruik van het netwerk worden veroorzaakt. De vaste kosten van het spoor, die er ook zouden zijn als er geen treinen rijden, mogen dus niet in rekening worden gebracht.

De aanleiding voor de klacht is dat de tarieven in 2015 en 2016 aanzienlijk stijgen. Zo stijgt het totale bedrag dat ProRail via de tarieven in rekening wil brengen van € 279 miljoen in 2014 naar € 330 miljoen in 2016, een totale stijging van € 51 miljoen (18%).